ACV Limburg
21.09.2014
Goedenacht
Home | Sitemap
Terug | Lid worden | Contact
Help | Registreren
 
 
ACV Limburg  >  Actualiteit  >  Nieuwsarchief ACV-Limburg  >  2004_2005  >  Detail  >  PWA'ers verliezen vrijstelling
Printen | Delen
 
 
6.10.2004

PWA'ers verliezen vrijstelling


De PWA-werknemers hebben op 1 oktober vaarwel gezegd tegen hun ‘vrijstelling beschikbaarheid voor de arbeidsmarkt’. Voor 1 oktober moesten PWA-werknemers die in een periode van zes maanden 180 uren PWA-prestaties leverden, niet beschikbaar zijn voor de arbeidsmarkt. Met de overgang van het PWA-systeem naar het nieuwe systeem van dienstencheques is deze vrijstelling overbodig geworden. Enkel PWA-werknemers met 33% blijvende arbeidsongeschiktheid blijven recht hebben op deze vrijstelling.

Hulp

Destijds was er de vaststelling dat er duidelijk maatschappelijke behoeften waren voor poetshulp en kleine klusjes bij particulieren. Door een nieuwe regelgeving mochten bepaalde groepen van werkzoekenden, mét behoud van hun werkloosheidsuitkeringen, gedurende maximum 45 uren per maand een aantal huishoudelijke taken en klusjes opknappen. De gebruikers betaalden hun ‘hulp’ met de PWA-cheques en mochten deze uitgaven voor maximaal 2.000 euro fiscaal in mindering brengen. 

Vertrouwensband

Eens het systeem op kruissnelheid kwam, bleek er al snel een vertrouwensband te ontstaan tussen de gebruikers en PWA-werknemers. Beide partijen hadden elkaar gevonden. Gezinnen drongen er op aan om steeds op dezelfde PWA-werknemer beroep te kunnen doen. PWA-werknemers wilden graag in hetzelfde gezin blijven werken. Voor deze laatsten leverden dit echter meteen een praktisch probleem op. Indien zij door de VDAB werden opgeroepen voor een (vaak tijdelijke) job, verloren zij hun plaats van PWA-tewerkstelling en moest het gezin op zoek naar een nieuwe PWA-kracht. 

Opgeroepen

Omdat de overheid inzag dat het systeem maar echt succesvol zou blijven, indien zowel gebruikers als PWA-werknemers gedurende langere tijd op mekaar konden rekenen, voerden zij voor de PWA-werknemers de ‘vrijstelling van beschikbaarheid’ in. Dit impliceerde dat de PWA-werknemers, voor zover zij in een periode van zes maanden gedurende 180 uren PWA-prestaties leverden, de volgende zes maanden niet beschikbaar moesten zijn voor de arbeidsmarkt en dus door de VDAB niet opgeroepen konden worden.

Dienstenonderneming

Vooral het ACV bleef echter aandringen op een volwaardige job voor deze groep van werknemers. Ondertussen waren er in Vlaanderen namelijk om en bij de 35.000 PWA-werknemers en vertegenwoordigde deze groep in Limburg ongeveer 3.750 mensen. Eind vorig jaar heeft de overheid beslist om het systeem in een nog meer reguliere vorm van dienstencheques te gieten en vanaf april 2004 geen niéuwe PWA-werknemers voor poetshulp en gebruikers te aanvaarden. Op deze wijze probeerde de overheid zoveel mogelijk PWA-werknemers om te schakelen naar het nieuwe systeem van dienstencheques. Voor de gebruiker is er weinig of geen verschil. De PWA-werknemers krijgen daarentegen een normale arbeidsovereenkomst bij een ‘dienstenonderneming’ de daaraan gekoppelde voordelen. Zo bouwt de werknemer sociale zekerheidsrechten op en heeft hij/zij recht op verlofgeld, verplaatsingsonkosten, kort verlet, enz. 

Overbodig

Aangezien de nieuwe dienstenwerknemer -weliswaar na een proefperiode van zes maanden- een contract van onbepaalde duur en minstens 19 uur per week krijgt aangeboden, was de ‘vrijstelling van beschikbaarheid’ in feite overbodig geworden. De werknemer loopt immers niet het risico een kortdurende job te krijgen en heeft dus totaal geen voordeel meer bij de vrijstelling. Vanaf 1 oktober 2004 viel de vrijstelling beschikbaarheid weg en kunnen de PWA-werknemers voortaan ook aanspraak maken op een behoorlijk werkaanbod. Voor een bepaalde groep van PWA-werknemers blijft de vrijstelling echter wel bestaan. Dit is zo voor diegenen die voorlopig in het PWA-systeem blijven werken, 180 uren per zes maanden presteren én 33% blijvende arbeidsongeschiktheid hebben. Zij kunnen -na onderzoek- wel aanspraak blijven maken op de maximale vrijstelling van beschikbaarheid. De PWA-werknemers die geen 33% blijvende ongeschiktheid hebben, behouden enkel de vrijstelling van stempelcontrole. 

Herinschrijving

Het ACV hoopt dat de VDAB nu alle krachten zal bundelen om deze mensen een volwaardige job aan te bieden en hen zo maximaal mogelijk voor te bereiden op een terugkeer in het reguliere arbeidscircuit. Het ACV heeft er  eveneens op aangedrongen dat deze 37.000 mensen zich niet (onnodig) individueel opnieuw moesten laten inschrijven bij de VDAB. Gezien de RVA en  de VDAB over de nodige gegevens beschikken, kunnen zij met een spreekwoordelijke druk op de elektronische knop alles in orde maken. PWA-werknemers hoeven zich voor die eerste herinschrijving dus niet aan te melden bij de VDAB of in de werkwinkel. Zit je nog met vragen, dan kan je steeds terecht bij het ACV in jouw gemeente. Je bent ook steeds welkom op de infosessies van het ACV waar dieper ingegaan wordt op deze wijzigingen.
Home  |  Actualiteit  |  Sociaal overleg  |  Sociale wetgeving  |  Onze organisatie  |  E-Services  |  Contact
Disclaimer

 

 
 
Zie ook:
Actualiteit
  5.000 Limburgse werkzoekenden krijgen RVA-brief in de bus
  Inschrijvingen
  Nieuwsarchief
  Werknemers Bekaert Lanklaar keuren verzoeningsvoorstel goed
Onze organisatie
  Bewegingswerk
  Onze organisatie
 
Overzicht